Eerste hulp - EHBO

Bewusteloos, wat doe je?

Van https://www.menselijklichaam.nl/eerste-hulp-ehbo/ehbo-cursus/

Door Redactie Menselijk Lichaam Laatst bijgewerkt · Leestijd 10 min
Op deze pagina

Direct hulp nodig? Bel 112 als iemand niet meer reageert of moeite heeft met ademen.

  • Zeg dat je een ambulance nodig hebt en dat de persoon niet reageert.
  • Zet je telefoon op de luidspreker en leg hem naast je neer, zodat je je handen vrij hebt.
  • Laat iemand anders een AED halen.

Reageert iemand niet als je aan de schouders schudt en vraagt of het gaat? Bel dan altijd direct 112, en kijk daarna pas of de ademhaling normaal is. Is die normaal, laat de persoon dan op de rug liggen en houd de luchtweg open: kantel het hoofd licht achterover en til de kin op. Is de ademhaling afwezig of niet normaal, begin dan met reanimeren.

In het kort

  • Bel altijd direct 112 bij iemand die niet reageert, ook als die persoon gewoon ademt.
  • Houd de luchtweg open: een hand op het voorhoofd, het hoofd voorzichtig achterover, en twee vingertoppen die de punt van de kin optillen.
  • Kijk, luister en voel maximaal 10 seconden of de ademhaling normaal is. Twijfel je, handel dan alsof de ademhaling niet normaal is.
  • De stabiele zijligging is niet meer de standaard. Iemand die duidelijk normaal ademt, blijft op de rug liggen. Op de zij leg je iemand in vier situaties: bij braken of bloed in de mond, bij een giftige stof, bij een duidelijk zwangere, en als je weg moet.
  • Draai de persoon wel meteen op de zij bij braken of bij bloed in de mond.
Een vrouw geeft geknield borstcompressies op een reanimatiepop tijdens een EHBO-cursus, met een tweede cursist ernaast.

Hoe herken je dat iemand bewusteloos is?

Iemand die bewusteloos is, ligt of zit onderuitgezakt op de grond, reageert niet op aanspreken en schudden, en voelt slap aan. Dat is het hele beeld. Je hoeft verder niets vast te stellen en je zoekt geen hartslag. De enige vraag die daarna nog telt, is of de ademhaling normaal is.

Die vraag beantwoord je met een vaste handgreep. Plaats een hand op het voorhoofd en duw het hoofd voorzichtig achterover. Til met twee vingertoppen de punt van de kin op. Zo komt de luchtweg open. Bij een kind kantel je het hoofd maar iets naar achteren, en bij een baby jonger dan 1 jaar helemaal niet. Houd het dan zo stil mogelijk, met het gezicht recht naar boven. De stappen voor een baby staan in het artikel over reanimeren. Kijk daarna maximaal 10 seconden of de borstkas omhoogkomt, luister ter hoogte van mond en neus of je ademhaling hoort, en voel met je wang of er luchtstroom is.

Daarna stel je vast of de ademhaling normaal, niet normaal of afwezig is. Dat onderscheid bepaalt alles wat erna komt. Bel altijd direct 112 bij iemand die niet reageert, ook als die persoon gewoon ademt. Bij een normale ademhaling blijf je daarna bij de persoon en houd je de luchtweg open. Bij een afwezige of afwijkende ademhaling ga je reanimeren.

Let op! In de eerste minuten van een circulatiestilstand kan iemand af en toe een trage, happende adembeweging maken, of onregelmatig en luidruchtig naar lucht happen of snurken. Dat heet agonale ademhaling, en dat is geen normale ademhaling. Twijfel je of de ademhaling normaal is, bel dan 112 en ga reanimeren.

Wat doe je bij iemand die niet reageert?

Je begint met bellen en niet met kijken. Zet je telefoon op de luidspreker en leg hem naast je neer, zodat je je handen vrij hebt. De telefonist van 112 vertelt je wat je moet doen tot de ambulance er is. Laat een omstander een AED halen, en controleer pas daarna de ademhaling.

  1. Controleer of de persoon reageert. Schud aan de schouders en vraag: gaat het?
  2. Bel of laat 112 bellen. Vraag om een ambulance, zet de telefoon op de luidspreker en vraag omstanders om een AED te brengen.
  3. Maak de luchtweg open. Plaats bij een volwassene een hand op het voorhoofd en duw het hoofd voorzichtig achterover. Bij een kind kantel je maar iets, bij een baby niet. Til met twee vingertoppen de punt van de kin op.
  4. Controleer de ademhaling, maximaal 10 seconden. Kijk of de borstkas omhoogkomt, luister bij mond en neus, en voel met je wang of er lucht langs stroomt.
  5. Ademt de persoon normaal? Laat de persoon op de rug liggen en houd de luchtweg open met dezelfde handgreep. Blijf het bewustzijn en de ademhaling doorlopend controleren.
  6. Ademt de persoon niet of niet normaal? Start met reanimeren. Bij een volwassene wissel je 30 borstcompressies af met 2 beademingen, in een tempo van 100 tot 120 keer per minuut. Bij een kind of een baby gelden andere aantallen. Die staan in het artikel over reanimeren, samen met de handpositie en de diepte.

Zijn er al AED-elektroden op de borstkas geplakt, laat ze dan zitten en laat de AED aan staan. Ook als de persoon weer ademt.

Twee handen geven borstcompressies op een reanimatiepop naast een geopende AED, terwijl een omstander met een telefoon in de hand meekijkt.

Wanneer leg je iemand op de zij?

Je legt iemand op de zij in vier situaties. De eerste is dat je weg moet, bijvoorbeeld omdat je meer mensen moet helpen. De tweede is iemand die veel moet braken of die slijm of bloed kan inslikken. De derde is een duidelijk zwangere die bewusteloos is en normaal ademt. De vierde is iemand die een giftige stof binnen heeft gekregen: het Rode Kruis schrijft daar de zijligging voor, omdat er braaksel kan komen. Buiten die vier blijft de persoon op de rug liggen.

Dat is een verandering ten opzichte van wat lang is geleerd. De Richtlijnen Reanimatie in Nederland 2025 van de Nederlandse Reanimatie Raad zetten hem zelf bij de wijzigingen. Geen zijligging meer toepassen, staat er, maar rugligging met de hoofdkantel-kinliftmethode bij bewusteloosheid met een duidelijk normale ademhaling. Bij neiging tot braken draai je wel snel op de zij. Dezelfde wijziging geldt voor kinderen.

De reden om iemand op de rug te houden is dat je de luchtweg dan zelf openhoudt en de ademhaling doorlopend kunt volgen. Komt er braaksel of bloed in de mond, draai de persoon dan zo snel mogelijk op de zij. Leg de persoon daarna weer op de rug en houd de luchtweg opnieuw open.

Is het koud, voorkom dan dat de persoon afkoelt. Leg een deken, jas of sjaal over de persoon heen, en het liefst ook eronder.

Wat je juist niet doet bij iemand die bewusteloos is

Bel altijd direct 112 bij iemand die niet reageert. Geef zo iemand nooit iets te eten of te drinken. Dat geldt ook voor water en melk, en voor elk ander middel. Het Rode Kruis maakt daar bij een overdosis van drugs of medicijnen maar een uitzondering op: een professionele hulpverlener kan het uitdrukkelijk adviseren.

Wek ook nooit braken op. Bij een overdosis van drugs of medicijnen zegt het Rode Kruis dat met zoveel woorden. Is iemand wel aanspreekbaar en heeft hij een branderig gevoel of pijn in de mond, laat hem dan de mond spoelen met water en dat vervolgens uitspugen. Bij iemand die niet goed bij bewustzijn is, doe je dat niet.

Let op! Een oude eerstehulptip om braken op te wekken met een glas zout water is gevaarlijk. Het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum schrijft dat een grotere hoeveelheid ingenomen zout een serieuze en zelfs levensbedreigende vergiftiging kan geven, met spierzwakte, spiertrekkingen, stuipen, een lage bloeddruk, nierproblemen en in het uiterste geval coma. Doe het dus niet. Bel 112 als iemand niet meer reageert of moeite heeft met ademen. In alle andere gevallen bel je de huisarts of de huisartsenpost.

Zoek verder geen hartslag en geen polsslag. Dat kost tijd en het verandert niets aan wat je doet: de ademhaling is waar je op afgaat. Iedere omstander mag beginnen zodra iemand niet reageert en niet normaal ademt.

Bewusteloos na een val of een ongeluk

Is iemand bewusteloos geraakt na een val of een ongeluk, laat de persoon dan liggen en zorg voor zo min mogelijk beweging. Bel of laat 112 bellen. Draagt de persoon een helm, doe die dan niet af en klap alleen het vizier omhoog. Draai de persoon alleen op de zij bij braken of bij bloedverlies uit de mond.

Houd in vier situaties rekening met letsel aan de nek of de wervelkolom. Benader de persoon dan van voren, bij het gezicht.

  • een plotselinge klap op het lichaam, zoals bij een auto-ongeluk
  • een val die groter is dan de eigen lichaamslengte
  • bij het duiken de bodem raken
  • ernstige wonden aan nek of rug

Ook hier geldt de gewone volgorde. Is de persoon bewusteloos en is er geen normale ademhaling, start dan met reanimeren. Ligt de persoon op de rug en is de ademhaling wel normaal, houd dan de luchtweg vrij met de hoofdkantel-kinliftmethode. Houd zo nodig het hoofd vast in de houding waarin je het aantrof, maar niet als de persoon onrustig is of tegenwerkt.

Wanneer naar de huisarts?

Bij iemand die niet reageert bel je 112, nooit eerst de huisarts. Datzelfde geldt als iemand suf wordt of benauwd is, stuipen krijgt, of een knoopcelbatterij heeft ingeslikt. Bel ook 112 bij een duidelijke overdosis, bij oververhitting, en als iemand plotseling extreem ontregeld, agressief, geagiteerd of angstig wordt. Bel ook 112 bij een flauwte bij een volwassene ouder dan 40 jaar of bij een kind jonger dan 6 jaar. De huisarts is wel de juiste route in deze situaties:

  • iemand is flauwgevallen, is weer bij bewustzijn, maar knapt niet op van het liggen
  • iemand valt herhaaldelijk flauw
  • iemand heeft een gevaarlijke stof binnengekregen en heeft geen van de klachten hierboven

Bel je overdag op een werkdag, dan bel je je eigen huisarts. In de avond, de nacht, het weekend of op een feestdag neem je contact op met de huisartsenpost bij jou in de buurt. Denk je dat iemand in levensgevaar is, dan bel je meteen 112, en dat kan dag en nacht.

Bij iemand die niet reageert bel je altijd direct 112, ook als je denkt dat het een gewone flauwte is. Lees hier meer over wanneer je 112 belt en wanneer de huisarts.

Waarom je dit het beste in een cursus oefent

De handgrepen op deze pagina lees je in een paar minuten, maar ze zitten pas in je vingers als je ze hebt gedaan. Je beheerst ze door te oefenen onder begeleiding van een instructeur, en niet door een tekst te lezen.

Het Rode Kruis geeft daarvoor cursussen reanimatie en AED. Daarin leer je wat je moet doen als iemand buiten bewustzijn is en geen normale ademhaling heeft, en oefen je hoe je een AED gebruikt.

Weet je het op het moment zelf toch niet meer, dan is dat niet erg. Zet je telefoon op de luidspreker: de telefonist van 112 vertelt je wat je moet doen tot de ambulance er is. Andere situaties hebben hun eigen stappen, bijvoorbeeld iemand die zich verslikt. Kijk voor de rest bij alle eerstehulponderwerpen op deze site.

Veelgestelde vragen

Wat is het doel van de stabiele zijligging?

De zijligging houdt de luchtweg vrij bij iemand die kan braken of bloed in de mond heeft. Sinds de reanimatierichtlijn van 2025 is het niet meer de standaardhouding voor iedereen die bewusteloos is. Wie duidelijk normaal ademt, blijft op de rug met de luchtweg opengehouden.

Moet ik eerst een hartslag voelen voordat ik iets doe?

Nee, zoek geen hartslag en geen polsslag. Je gaat af op de ademhaling. Kijk, luister en voel maximaal 10 seconden of die normaal is. Twijfel je, handel dan alsof de ademhaling niet normaal is en begin met reanimeren. Bel hoe dan ook als eerste 112.

Is flauwvallen hetzelfde als bewusteloos zijn?

Bij een flauwte raakt iemand kort weg en komt daarna weer bij. Vooraf voelt de persoon zich vaak zwak en misselijk, ziet bleek, zweet en ziet zwarte vlekken. Bel 112 bij een flauwte bij een volwassene ouder dan 40 jaar of bij een kind jonger dan 6 jaar. Is iemand weer bij bewustzijn maar knapt hij niet op van het liggen, neem dan direct contact op met de huisarts. Reageert iemand niet, bel dan altijd 112.

Mag ik iemand die bewusteloos is water geven?

Nee. Bel bij iemand die niet reageert altijd direct 112, en geef zo iemand niets te drinken en niets te eten. Bij een overdosis van drugs of medicijnen geldt hetzelfde voor water en melk, tenzij een professionele hulpverlener het uitdrukkelijk adviseert. Is iemand wel aanspreekbaar en heeft hij een branderig gevoel in de mond, dan mag hij die spoelen en het water uitspugen. Bij iemand die niet goed bij bewustzijn is, doe je dat niet.

Kan ik iets kapotmaken als ik het hoofd achterover kantel?

De hoofdkantel-kinliftmethode is de handgreep die het Rode Kruis bij een volwassene voorschrijft, ook bij mogelijk nekletsel. Bij een kind kantel je het hoofd maar iets naar achteren en houd je het zo stil mogelijk; bij een baby jonger dan 1 jaar kantel je het helemaal niet. Houd de luchtweg vrij bij iemand die op de rug ligt en normaal ademt. Houd het hoofd niet vast als de persoon onrustig is of tegenwerkt.

Was dit artikel nuttig?

Artikel delen: Delen via WhatsApp

Lees ook