Alles over jouw lichaam

Categorie: Nieren

Nierziekte

Onder het begip nierziekten valt een keur aan ziektebeelden die betrekking hebben op de nieren, waarbij mogelijk sprake kan zijn van nierinsufficiëntie. De nieren zijn dan in hun functie, namelijk het uit het bloed wegfilteren van afbraakproducten, gestoord. Nieren die helemaal niet werken leiden tot de dood door urinevergiftiging (uremie). Bij gedeeltelijk niet functioneren treedt een groot aantal ziekteverschijnselen op. Gelukkig heeft het lichaam een aanzienlijke reserve aan nierweefsel. Zo is bijvoorbeeld één nier voldoende om een mens in leven te kunnen houden.

Tekenen van een nierziekte

In de meeste gevallen komen moeilijkheden bij het urineren en veranderingen van de urine voor. De patiënt loost teveel of te weinig urine, de kleur van de urine kan afwijkend zijn, of er bevindt zich bloed in de urine. Verder kan het urineren pijnlijk zijn of is de frequentie toegenomen. Bij de urineanalyse kunnen albumine, bloed, etter of andere stoffen aangetroffen worden. Andere belangrijke aanduidingen kunnen zwellingen van lichaamsweefsel zijn. Hierbij hoopt zich vocht (oedeem) in het weefsel op. Een ander symptoom is rugpijn in de nierstreek. Al deze verschijnselen dienen aanleiding te vormen om naar de huisarts te gaan. Niet alle ziekten van het urinestelsel zijn overigens op nierziekten terug te voeren.

De mogelijke oorzaken van nierziekten

Er zijn vele oorzaken die kunnen leiden tot een nierziekte. De nieren kunnen door infecties, medicijnen, giftige stoffen, belemmering van de urinelozing, tumoren, misvormingen, degeneratieve veranderingen (zie degeneratie) en vaatverkalking (arteriosclerose) beschadigd worden. Infecties kunnen in de nieren zelf gelokaliseerd zijn of uitgaan van andere delen van het lichaam. Geïnfecteerde tanden of amandelen bijvoorbeeld scheiden giftige stoffen af, die in de nieren terechtkomen. Difterie, roodvonk en andere infecties, vooral die waarbij haemolytische streptokokken betrokken zijn, kunnen onherstelbare beschadigingen van de nieren aanrichten. Directe infecties kunnen van de blaas op de nieren overgaan (zie blaasziekten).
Niercellen zijn voor bepaalde giften bijzonder gevoelig, bijvoorbeeld zware metalen zoals kwik en lood. Ook bepaalde medicijnen kunnen nierschade veroorzaken. Wanneer het lozen van de urine uit de nieren en de blaas belemmerd is, veroorzaakt alleen de stuwing al een beschadiging van de nieren, nog afgezien van het feit dat dergelijke stuwingen veelal een opwaartse infectie in de hand werken. Voor de verstoring van de urinelozing bestaan een aantal oorzaken: nierstenen, wandelende nieren, vergroting van de prostaat, ruggenmergletsel, vernauwing van de urineleider of de urinebuis en gezwellen in de nieren. Tumoren in de nieren kunnen zowel goedaardig als kwaadaardig zijn; meestal betreft het primaire tumoren, dat wil zeggen gezwellen uitgaande van het nierweefsel. Sommige mensen hebben aangeboren afwijkingen van de nieren, zo kunnen de onderste polen van de nieren met elkaar vergroeid zijn (hoefijzernieren). In andere gevallen bevatten de nieren veel cysten (cystenieren). De nier is daarbij sterk in grootte toegenomen, waarbij het functionele nierweefsel verdrongen wordt. Tijdens de zwangerschap moeten de nieren van de vrouw meer presteren, omdat bovendien nog afbraakproducten van het kind uitgescheiden worden. Bij zwangerschapstoxicose (zie zwangerschap) kunnnen de nieren beschadigd worden. Men weet van de degeneratieve veranderingen van de nieren niet meer af dan van die aan het hart en de bloedvaten. Het hele complex van vaatveranderingen aan hart en nieren staat veelal in nauw verband met hoge bloeddruk (hypertensie): de nieren scheiden chemische substanties af, die de bloeddruk beïnvloeden. De daardoor veroorzaakte vaatveranderingen manifesteren zich wederom het eerst aan het gecompliceerde netwerk van de niervaten (glomeruli).

Indeling van de nierziekten

Het systeem dat gehanteerd wordt bij de indeling van de nierziekten houdt rekening met:
1) de factor die de ziekte veroorzaakt;
2) welk deel van de nier aangetast is;
3) de symptomen.
Nefritis (nierontsteking) is het samenvattend begrip voor alle veranderingen aan de nieren die te maken hebben met ontsteking. De verdere onderverdeling is afgeleid van de plaats waar de ontstekingsverandering zich afspeelt, bijvoorbeeld glomerulonefritis, haardnefritis, interstitiële nefritis (dat wil zeggen voornamelijk de tussencellen van het nierweefsel betreffend), etterige opstijgende pyelonefritis (dat wil zeggen ontsteking door bacteriën, die vanuit het nierbekken in het nierweefsel uitzwermen) enz. Het verloop van de symptomen van deze nefritiden kan volledig verschillend zijn, evenals de oorzakelijke factoren.

Nefrosen zijn een een groep van degeneratieve, chronische veranderingen, die zich hoofdzakelijk aan het tubulaire stelsel van de nieren afspelen. De oorzaken zijn verschillend, ze hebben echter een belangrijk symptoom gemeenschappelijk, namelijk een toegenomen hoeveelheid eiwit in de urine, wat meestal met oedeemvorming (zie oedeem) gepaard gaat.
Nefrosclerosen zijn degeneratieve ziekten die uitgaan van de kleine nieradertjes, waarop verharding en schrompeling van het nierweefsel volgt. Afgezien van enkele uitzonderingen, zijn de hoofdsymptomen van nefrosclerose hoge bloeddruk en typische veranderingen aan de ogen.

Bijna alle nierziekten veranderen op de een of andere manier de samenstelling van de urine, omgekeerd hoeven afwijkingen in de urine niet op een nierziekte te duiden. De exacte diagnostiek van een nierziekte behoeft, evenals bij een leverziekte, veel hulpmiddelen: urineonderzoek, röntgenonderzoek van de nieren, echografisch onderzoek (zie echografie), cystoscopie (onderzoek met een blaasspiegel), catheterisering van de urineleider of van het nierbekken enz.

De behandeling van nierziekten

Nierziekten kunnen operatief of met een conservatieve behandeling bestreden worden. De methodes zijn afhankelijk van de diagnose en de toestand van de patiënt. In eerste instantie zal men altijd proberen de oorzaken of beschadigingen, die de ziekte veroorzaken, weg te nemen of tenminste af te remmen, terwijl tegelijkertijd het zieke orgaan ontzien wordt door algemene maatregelen zoals dieet, bedrust enz.

In tweede instantie is de behandeling erop gericht het herstel van al bestaande beschadigingen te bevorderen, in ieder geval tenminste de functie van het achtergebleven gezonde weefsel te behouden, om op deze manier uremie te voorkomen. Indien de nieren, al dan niet na behandeling, niet meer in staat zijn hun normale functie te vervullen, kan een niertransplantatie overwogen worden (zie transplantatie). Tot die tijd kan de nierfunctie kunstmatig worden overgenomen via een nierdialyse.

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*