Parodontitis

Klachten en verschijnselen:
– Gezwollen of teruggetrokken tandvlees.
– Onaangename smaak in de mond.
Slechte adem.
– Kiespijn bij het eten van warm, koud of zoet.
– Dof geluid bij het kloppen op een tand.
– Loszittende tand.
– Gewijzigde beet.

Als tandvleesontsteking niet of te laat behandeld wordt, kan parodontitis ontstaan. Bij deze ziekte is niet alleen het tandvlees aangedaan, maar ook het tandbed met wortelvlies en de tandkas, die te zamen de tand op zijn plaats houden. Bij parodontitis zijn tussen de tand en het tandvlees ruimten met plaque ontstaan in de vorm van zakjes, pockets genaamd. Het tandvlees raakt ontstoken en de pockets worden groter, waardoor er meer plaque in kan achterblijven. De voortdurende en toenemende ontsteking beschadigt ook het wortelvlies van ieder aangedaan element. Na verloop van tijd laat het tandvlees geleidelijk los van de tand.

Als gevolg van infectie met bacteriën wordt er pus gevormd. In ernstige gevallen kan de pus langs de tand naar buiten sijpelen. Als gevolg van zo’n langdurige infectie wordt het bot van de tandkas aangetast. De tand gaat los zitten en kan uiteindelijk uitvallen. Ondanks de risico’s op lange termijn, is parodontitis gewoonlijk pijnloos. In sommige gevallen echter kan ten gevolge van een acute infectie, een abces in één of meer pockets ontstaan. Deze acute toestand veroorzaakt pijn en vreet het bot nog sneller weg dan de chronische kwaal.

In het algemeen geldt, hoe jonger iemand is als het bot begint te verdwijnen, hoe kleiner de kans dat het element nog valt te redden. Mensen die tandenknarsen kunnen ook meer last hebben van problemen met het steunweefsel van hun gebit.

Diagnose.

Als u gezwollen tandvlees hebt, een onaangename smaak in de mond hebt en uit uw mond ruikt, pijn hebt bij het eten van warm, koud of zoet, of merkt dat een tand los gaat zitten, moet u naar de tandarts gaan. De tandarts zal uw gebit en het tandvlees onderzoeken op tekenen van parodontitis. Bij het tandvlees let hij op ontsteking en op afzetting van plaque en tandsteen en bij en onder de tandvleesrand op loslaten van tandvlees en aanvreting.

Ook kan de tandarts een aantal vragen stellen om na te gaan of er sprake is van een systeemziekte zoals suikerziekte. Als aanwijzingen in die richting worden gevonden, wordt u verwezen naar de huisarts voor nader onderzoek.

Behandeling.

De eerste stap bij parodontitis is een niet operatieve (conservatieve) behandeling. Dit betekent dat de tandarts of mondhygiëniste het worteloppervlak van alle tanden en kiezen zeer zorgvuldig moet reinigen. Vervolgens is ook een strikt programma van mondhygiëne vereist. Dit betekent poetsen en flossen of een tandenstoker gebruiken. In het begin kan het tandvlees na het poetsen bloeden, maar dit ongemak moet na een week of twee verdwenen zijn. Over het algemeen wordt het tandvlees door het flossen en poetsen roze en steviger. Als u uw tanden en tandvlees op deze manier in goede conditie kunt houden, ontkomt u misschien aan operatieve behandeling.

Orthodontische behandeling.

Als uw tanden schots en scheef staan en te dicht op elkaar, kan zich meer plaque ophopen en kan het verwijderen ervan moeilijker zijn. De manier waarop de tanden geplaatst zijn veroorzaakt echter geen parodontitis. Orthodontische behandeling kan de plaatsing van de tanden verbeteren. Ongelijkmatige beet- en kauwvlakken kunnen beter op elkaar worden aangepast om de druk te verminderen. Als u in uw slaap tandenknarst (bruxisme) kunt u een tandbeschermer krijgen om uw tanden te beschermen tegen te hoge belasting. Tanden knarsen kan echter ook andere oorzaken hebben.

Operatieve behandeling.

In ernstiger gevallen moet een operatieve ingreep plaatsvinden. Er kan bijvoorbeeld een flapprocedure worden gedaan om tandsteen en geïnfecteerd weefsel te verwijderen en het bot weer in model te brengen. Het tandvlees wordt dan opgelicht en het hele gebied rond de tanden en het bot wordt vervolgens schoongemaakt. Hierna wordt het weefsel weer teruggelegd en vastgehecht.

Een andere techniek, de gingivectomie, kan met plaatselijke verdoving worden gedaan. Bij de gingivectomie wordt het tandvlees ingekort, om de pockets minder diep te maken. Na de operatie wordt de tandvleesrand met een op kauwgom lijkend verband afgedekt zodat het tandvlees zich kan herstellen. Dit verband mag tijdens het eten en drinken niet hinderlijk zijn; als dat het geval is moet u contact opnemen met de tandarts of kaakchirurg die de operatie bij u heeft uitgevoerd.

Een vergelijkbare procedure is de gingivoplastiek; die wordt soms gedaan om overtollig tandvlees weg te nemen en het tandvlees weer in model te brengen zodat het gemakkelijker schoon blijft. Soms moet door een operatie het onderliggende bot worden gecorrigeerd of hersteld. Vaak wordt hierbij een bottransplantaat gebruikt om bot dat verloren gegaan is te vervangen.

Preventie.

Naast alles wat de tandarts of kaakchirurg kunnen doen, blijft goede zorg voor het gebit natuurlijk het allerbelangrijkste. Hiervoor moet u aanwijzingen krijgen. Het doel is te voorkomen dat parodontitis terugkomt of verergert. (zie Voorkomen van parodontose, hierna.)


Relevante artikelen

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

MEDISCH VOORBEHOUD

De informatie op Menselijk Lichaam is géén medisch advies. Neem bij twijfel over gezondheid, behandeling of medicijnen altijd contact op met een arts, specialist of apotheker.

Meer informatie

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Met het laatste nieuws en gezonde tips