Embryonale ontwikkeling

Op het ogenblik van de bevruchting staat het geslacht van het mensje in wording al vast: het wordt bepaald door het geslachtschromosoom van de bevruchtende mannelijke zaadcel, die nog een aantal andere genen (dragers van erfelijke eigenschappen) bevat, die aan het geslacht gebonden zijn (zie erfelijkheid).

 

Embryonale ontwikkeling

Embryonale ontwikkeling per maand

De afmeting van het embryo: 1 maand oud is het embryo 1 x 1 = 1cm lang, bij 2 maanden 2 x 2 = 4 cm; bij 3 maanden 3 x 3 = 9 cm, bij 4 maanden 4 x 4 = 16 cm, bij 5 maanden 5 x 5 = 25 cm, bij 6 maanden 6 x 5 = 30 cm, bij 7 maanden 7 x 5 = 35 cm, bij 8 maanden 8 x 5 = 40 cm, bij 9 maanden 9 x 5 = 45 cm en bij 10 maanden 10 x 5 = 50 cm (van kruin tot voetzool, met gestrekt lichaam).
Het gewicht van de vrucht is na 4 weken nog maar 0,02 gram, na 8 weken pas 1 g, neemt dan toe tot 14 g bij 12 weken, na 16 weken 105 g, na 20 weken 310 g, na 24 weken 640 g. Na 28 weken weegt het embryo al 1080 g, na 32 weken 1670 g en 4 weken later 2400 g; bij de geboorte na ongeveer 266 dagen gemiddeld 3500 g.

De embryonaalknop heeft drie lagen cellen (kiembladen): entoderm (binnenste laag), mesoderm (midden) en ectoderm (buitenste laag). De eerste gespecialiseerde cellen (in de vorm van jonge bloedcellen) vormen zich ongeveer l7 dagen na de bevruchting; een week later heeft zich uit zeer fijne bloedvaten het begin van een hartje gevormd, dat al snel begint te kloppen. Tegelijkertijd begint ook de ontwikkeling van het zenuwstelsel en van het spijsverteringsstelsel.
Het embryo dat zo in de eerste maand uit de bevruchte eicel is ontstaan doet denken aan een kikkervisje; het hoofd beslaat een derde van de totale lengte, een begin van de aanleg van de ledematen wordt juist zichtbaar.

In de tweede maand begint de ontwikkeling van de hersenen, de hals, de spieren, enkele beenderen, de vingers en de tenen, de huid en de geslachtsorganen. In de derde maand heeft het embryo de kenmerken van een menselijk wezen, zij het in verwrongen proporties. De aanleg voor de tanden vormt zich, de oren krijgen vorm, aan vingers en tenen verschijnen nagels. Lever, maag en nieren beginnen te werken. Mond, kaken, neus, keel en stembanden beginnen vorm aan te nemen.

In de vierde maand wordt het embryo foetus genoemd. Het begint zich in het vruchtwater te bewegen, wat de moeder later voelt als bewegingen van het kind. De hartslag wordt sterker. In de voorste hersenen ontwikkelen zich de eerste windingen. De uitwendige geslachtsorganen krijgen gestalte. Wenkbrauwen, wimpers en huidpatroon verschijnen. Zijdeachtig haar (lanugo, wolharen) bedekt het lichaam. In de vijfde maand groeit echt haar op het hoofd: vinger- en teennagels groeien. Op de huid verschijnen zweet- en talgklieren. Alle inwendige organen zijn aanwezig, maar nog niet op hun uiteindelijke plaats en nog niet in hun definitieve vorm.

In de zesde maand begint de foetus de ogen te openen. De romp wordt langer, de rug strekt zich en de inwendige organen nemen een voor een de juiste positie in.
In de zevende maand gaat de groei voort. Bij jongens dalen de testes uit de buikholte af in de balzak. Achtste en negende maand: het kind wordt sterker en zwaarder. De kleuring van de huid verandert omdat de bloedvaten niet meer doorschijnen. De foetus beweegt zich in de baarmoeder, meestal met het hoofd naar beneden. Het kind is klaar om het moederlichaam te verlaten en de buitenwereld binnen te gaan. Ten slotte treden de weeën op en de geboorte begint.

 
Relevante artikelen

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

MEDISCH VOORBEHOUD

De informatie op Menselijk Lichaam is géén medisch advies. Neem bij twijfel over gezondheid, behandeling of medicijnen altijd contact op met een arts, specialist of apotheker.

Meer informatie

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Met het laatste nieuws en gezonde tips