Zelfonderzoek

Stap 1
Om te beginnen met het zelfonderzoek van de borsten gaat u voor een spiegel staan en kijkt u naar beide borsten om eventuele zichtbare veranderingen te kunnen zien. Vergelijk de twee borsten. Veel vrouwen hebben een borst die groter is dan de ander. Wanneer een borst plotseling toeneemt in grootte en dit gezien of gevoeld kan worden, kan het zijn dat er zich een cyste heeft gevormd die gevuld is met vloeistof, of dat een vast groeisel in omvang is toegenomen en nu waar te nemen is. Hierover moet u uw huisarts raadplegen. Als de borst aan een kant kleiner is geworden, moet dat ook onderzocht worden. Kijk naar de huid van de borsten. Ziet u bobbels of kuiltjes? Hebben de borsten en tepels hun normale omtrek? Wanneer een voormalig ronde omtrek van de borst verandert, of een kuiltje ontwikkelt, kan de indeuking duiden op een tumor. Wanneer de tepel van richting verandert, dus naar binnen gaat in plaats van naar buiten, kan dit wijzen op een ingekapselde tumor. Het kan ook het gevolg zijn van een bindweefselgezwel dat is verwijd in de vorm van een cyste of van kalkafzettingen. Ziet u roodheid of vlekkerigheid van de huid? Een zeldzame vorm van kanker die inflammatoir carcinoom genoemd wordt kan ervoor zorgen dat de huid van de borsten vlekkerig en rood wordt, net zoals het geval zou zijn bij infectie of irritatie. Als de aandoening aanhoudt, moet het worden gecontroleerd door de huisarts en eventueel is een biopsie nodig voor een accurate diagnose.

Stap 2

Terwijl u nog steeds in de spiegel kijkt, tilt u uw armen op en doet u uw handen achter het hoofd. Span uw armen en druk uw handen naar voren zonder uw hoofd te buigen, terwijl uw uw ellebogen in een rechte lijn houdt. Wanneer u dit doet, zullen de borstspieren zich spannen en de borsten ietwat naar voren duwen, waardoor u ze in een enigszins andere positie kunt onderzoeken. Wederom kijkt u naar de omtrek van de borsten. Ziet u veranderingen in de vorm van de borsten? Kijk naar de huid. Ziet u kuiltjes? Ziet u veranderingen in de richting waarin de tepels wijzen? Komt er afscheiding uit de tepels? Slechts 5% van alle (bloederige) tepelafscheiding houdt verband met kanker. De kleur van de afscheiding kan rood, groen of zwart zijn. Dit komt meestal voor als er kleine groeisels zijn in de kanaaltjes van de borstklier. Wanneer dit bij u voorkomt moet u de huisarts consulteren. Een heldere of gelige afscheiding uit de borst is vrij normaal, maar moet wel in de gaten gehouden worden.

Stap 3

Leg uw handen op uw heupen en buig voorover naar de spiegel toe terwijl u uw schouders en ellebogen naar voren beweegt. Dit laat de borstspieren samentrekken. Kijk naar uw borsten in deze positie. Wederom, kijk naar de omtrek van de borsten, de tepel en de huid. Het is ook belangrijk om de tepelhof te controleren, dat is het gekleurde gebied rondom de tepel. Enige opmerkelijke verandering, zoals putjes, zwelling of gedeeltelijke verkleuring van de tepelhof is een waarschuwingsteken en moet door de huisarts onderzocht worden. De linker- en rechterborst hoeven niet helemaal gelijk te zijn, dat komt maar bij weinig vrouwen voor. Regelmatig zelfonderzoek leert dat dit normaal is en zal u vertrouwen geven in uw zelfonderzoek. Het is belangrijk om te wennen aan het kijken naar uw borsten in de spiegel, zodat u veranderingen zult opmerken wanneer ze pas net zijn opgetreden.

Stap 4

Til uw linkerarm op en onderzoek grondig uw linkerborst met behulp van drie of vier vingers van uw rechterhand. Gebruik de kussentjes van uw vingers liever dan uw vingertoppen, omdat de kussentjes gevoeliger zijn. Houd de vingers plat. Deze procedure heet borstpalpatie. Begin bij de tepel en werk naar buiten in steeds groter wordende cirkels, of begin bij de buitenste cirkel en werk geleidelijk naar de tepel toe. Let erop dat u de hele borst gehad hebt en neem in het onderzoek ook de oksels en het gebied rondom de borst mee. Het is belangrijk om de omliggende gebieden ook te onderzoeken omdat klierweefsel ook buiten de borst gevonden wordt. Het reikt vaak tot in de oksel, en de dunne laag kan de clavicula ofwel sleutelbeen, het sternum ofwel borstbeen, en de rand van de trapezius ofwel rugspier bereiken. Controleer het weefsel op knobbels, knopen of verdikkingen. De meeste borstknobbeltjes zijn onschuldig, maar nieuwe en dan vooral harde, vaste of niet gladde knobbeltjes kunnen op een tumor duiden. Nadat u klaar bent met het palpatieonderzoek van de borst, moet de tepel en het gebied rondom de tepel gecontroleerd worden door het zachtjes te knijpen tussen duim en wijsvinger. Controleer op abnormale of bloederige afscheiding uit de tepel. Als deze er is, moet u de huisarts consulteren. Vijftien procent van alle borsttumoren komen voor in het gebied rondom de tepel. Het weefsel in dit gebied is een verzameling van kanaaluiteinden en kan anders aanvoelen dan het vet- en klierweefsel waaruit het grootste deel van de borst bestaat. Dit gebied is ook gevoeliger, vooral wanneer u door de dikke laag van borstweefsel heendrukt om de borstwand te bereiken. Vanwege deze gevoeligheid wordt dit gebied vaak overgeslagen.

Stap 5

Ga liggen en herhaal de vorige stap (stap 4). Om de linkerborst te onderzoeken, moet u plat op uw rug gaan liggen en een kussen of opgevouwen handdoek onder uw linkerschouder plaatsen. Dit zorgt ervoor dat uw borst zich naar het midden van uw borstkast verplaatst, wat het onderzoek vergemakkelijkt. Til uw linkerarm boven uw hoofd en plaats uw linkerhand onder uw hoofd. Dit maakt de borst platter en ook weer makkelijker te onderzoeken. Onderzoek de borst met de andere hand op dezelfde symmetrische manier als toen uw rechtop stond. Met de rechterhand, de vingers plat en gebruikmakend van de kussentjes op uw vingers, drukt u zachtjes in kleine, circulaire bewegingen rond met de klok mee. Let erop dat u de hele borst hebt gehad en dat u een regelmatig patroon hebt gebruikt. Het is ook belangrijk om de oksels en het gebied rondom de borst te onderzoeken. In deze houding kunt u wat kraakbeen of botstructuren voelen die bij de ribbenkast horen, maar misschien kunnen worden aangezien voor knobbeltjes. Nieuwe of ongewone knobbeltjes moeten aan de huisarts worden doorgegeven. Nadat u de hele borst onderzocht hebt, moet u ook de tepel en het weefsel rondom de tepel controleren door het zachtjes tussen duim en wijsvinger te knijpen. Elke vorm van afscheiding, bloederig of helder, moet ook aan de huisarts worden doorgegeven.

Stap 6

Herhaal het hele proces (stappen1 tot en met 5) voor de tweede borst. Vergelijk wat u voelt in de ene borst met de andere. Als er enige ongewone veranderingen te bemerken zijn in de contouren, enige ongewone knobbeltjes te voelen zijn, of als u iets abnormaals opmerkt met betrekking tot uw borsten, is het het beste om uw huisarts te consulteren. Zelfonderzoek van de borsten is de meest belangrijke methode om ziekten van de borst, inclusief kanker, op te sporen. Mocht u iets ongewoons opmerken, raak dan niet in paniek. Het komt maar zelden voor dat zwellingen betekenen dat er nieuw weefsel aan het groeien is, en nog minder vaak zijn eventuele zwellingen een vorm van kanker. Het is echter wel belangrijk om de huisarts te consulteren bij enige verandering vanwege het belang van vroegtijdige opsporing bij het genezen van borstkanker.


Relevante artikelen

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

MEDISCH VOORBEHOUD

De informatie op Menselijk Lichaam is géén medisch advies. Neem bij twijfel over gezondheid, behandeling of medicijnen altijd contact op met een arts, specialist of apotheker.

Meer informatie

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Met het laatste nieuws en gezonde tips