Coloscopie

In de geneeskunde is coloscopie (of colonoscopie), letterlijk vertaald, de medische term voor ‘dikke-darm-inspectie’. Door deze onderzoekmethode kan men de dikke darm inwendig bezichtigen. Met de coloscoop kan de arts namelijk vanuit de binnenkant van de darm de darmwand direct bekijken en zich zo een beeld over zijn toestand vormen. Een coloscoop bestaat uit een slang van meer dan twee meter lang. Binnen in de slang bevindt zich een lange flexibele glasvezeldraad.

De glasvezels leiden licht naar het uiteinde van de coloscoop (naar het optisch systeem) en transporteren de beelden terug naar het begin, dat wil zeggen naar het oog van de kijker. De onderzoeker ziet alles waarop het optische systeem in het uiteinde van de coloscoop gericht is. In de slang is een mechanisch apparaatje verwerkt waardoor men het uiteinde in alle richtingen kan bewegen.

Het komt natuurlijk voor dat het zicht van de onderzoeker door ontlasting vertroebeld wordt. Voor dit doel zijn er aan het uiteinde kleine sproeiers waarmee men het uiteinde kan schoonspoelen. Ten slotte wordt ook nog lucht in de dikke darm gepompt, waardoor de nauwe darmholte uitzet en het onderzoek zich makkelijker laat uitvoeren.

Hoe wordt een coloscopie uitgevoerd?

Om bij een coloscopie een goed beeld te kunnen krijgen, zal men ervoor moeten zorgen dat er praktisch geen ontlasting in de dikke darm is. Dit wordt voornamelijk met laxeermiddelen bereikt, bijvoorbeeld door klysma’s, of doordat de patiënt lang voor het onderzoek geen vaste voeding tot zich neemt.

Voor het onderzoek zelf hoeft men de patiënt niet in narcose te brengen. Men geeft alleen een sterk kalmerend middel. Het onderzoek is namelijk vrij onaangenaam, en voor de patiënt wordt het daardoor wat makkelijker te verdragen. Daarna kan de patiënt meestal direct weer naar huis.

coloscopie

Wat kan men met een coloscopie bereiken?

De arts kan door de coloscoop de toestand van het dikke darmslijmvlies beoordelen. Roodheid van het slijmvlies duidt bijvoorbeeld meestal op een ontsteking. Verder bestaan er vele verschillende vormen van slijmvlieswoekeringen, zogenaamde poliepen, die bij een coloscopie redelijk goed herkenbaar zijn.

Maar een precieze bepaling is alleen mogelijk door middel van weefselonderzoek. Voor dit doel is de slang van de coloscoop van een extra kanaal voorzien, door welke de arts instrumenten naar binnen kan voeren om de weefselstukjes uit te nemen.

Biopsie

De arts kan met een kleine tang een klein stukje weefsel uit de woekering verwijderen {biopsie). De patiënt merkt daar niets van. Het verwijderen van poliepen met behulp van een lus is eveneens pijnloos.

Vervolgens laat men deze weefselproeven microscopisch onderzoeken. Pas dan weet men met enige zekerheid met welke aandoening men te maken heeft. Microscopisch onderzoek vindt in speciale laboratoria plaats.


Relevante artikelen

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

MEDISCH VOORBEHOUD

De informatie op Menselijk Lichaam is géén medisch advies. Neem bij twijfel over gezondheid, behandeling of medicijnen altijd contact op met een arts, specialist of apotheker.

Meer informatie

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Met het laatste nieuws en gezonde tips