Actief transport van onze cellen

De aan- en afvoer van stoffen van en naar de cellen gebeurt passief of actief. De laatstgenoemde manier kost energie. Passief vervoer kost geen energie en vindt plaats door diffusie (dat is de overgang van moleculen van de ene stof uit een gebied waar die in hoge concentraties aanwezig is naar de moleculen van een andere stof, waardoor er een vermenging van twee stoffen ontstaat). Zuurstof, stikstof en andere kleine moleculen die makkelijk oplossen in lipiden (vetten) bewegen zich via de halfdoorlatende celmembraan steeds heen en weer tussen de cel en de bloedstroom. Sommige moleculen zoals glucose-, natrium en kaliumionen kunnen niet door middel van diffusie door de celmembraan heendringen. Daarvoor hebben ze bepaalde transporteiwitten of speciale aanvoerkanalen nodig. Bij actief transport werkt de cel de moleculen naar binnen en duwt andere er weer uit. De energie die daarvoor nodig is, wordt ontleend aan moleculen van een hoogwaardig energie-fosfaat, ATP (adenosine-trifosfaat) geheten.

De energie van het ATP fungeert als een pomp voor de transport van ionen. Een grondig onderzocht pompsysteem is de natrium-kaliumpomp. Dit membraaneiwit verbruikt tijdens een eindeloze cyclus van weggepompte natriumionen meer dan een derde van de ATP-productie in de cel. Als het ATP wordt afgebroken, komt er energie vrij waarmee drie natriumionen via de membraan naar buiten en twee kaliumionen naar binnen gepompt kunnen worden. Ook andere stoffen worden op soortgelijke wijze via de celmembraan opgenomen en afgegeven.

Een andere manier van de cel om moleculen door de membraan naar binnen te halen is endocytose. Er zijn twee soorten endocytose: fagocytose en pinocytose. Fagocytose (fago is Grieks voor: ik eet) is het proces van inkapseling en vernietiging van bacteriën en andere lichaamsvreemde organismen. Pinocytose daarentegen (afgeleid van ‘pinein’, Grieks voor: drinken) zorgt voor de vloeistofopname in de cel door middel van uitstulpingen van de celmembraan. Bij beide vormen van endocytose omwikkelt een deel van de celmembraanwand het binnenkomende deeltje in een plooi, knijpt de plooi aan de buitenkant dicht en voert het stofdeeltje af naar binnen. De zakjes die daardoor ontstaan, heten vacuoles.

 

Actief transport van onze cellen

Het omgekeerde proces, exocytose, vindt plaats als de vacuoles vanuit het cytoplasma naar buiten bewegen en samensmelten met de celmembraan om vervolgens hun inhoud uit de cel te verwijderen. De benodigde methode om stoffen op te nemen of af te geven, wordt bepaald door de samenstelling van de aan of af te voeren stof (de omvang, de chemische samenstelling, de elektrische lading en de massa) en ook door de mate waarin de stof oplosbaar is in lipiden (vetten).


Relevante artikelen

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

MEDISCH VOORBEHOUD

De informatie op Menselijk Lichaam is géén medisch advies. Neem bij twijfel over gezondheid, behandeling of medicijnen altijd contact op met een arts, specialist of apotheker.

Meer informatie

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Met het laatste nieuws en gezonde tips