Hondsdolheid (rabiës): wat je doet na een beet en welke klachten je krijgt
Van https://www.menselijklichaam.nl/besmettelijke-ziektes/rabies/
Op deze pagina
Hondsdolheid is een dodelijke ziekte die komt door een virus. Een ander woord voor hondsdolheid is rabiës. Je kunt het krijgen als een besmet dier je bijt, krabt of likt. Ben je gebeten, gekrabd of gelikt, neem dan zo snel mogelijk contact op met een arts.
Voordat je klachten krijgt, kan een behandeling voorkomen dat je ziek wordt. Daarom is het belangrijk om na contact met een dier dat besmet kan zijn zo snel mogelijk een behandeling te starten. In Nederland komt hondsdolheid bijna niet voor; in het buitenland vaker.
In het kort
- Je kunt hondsdolheid krijgen als een besmet dier je bijt, krabt of likt. Bijna iedereen met hondsdolheid overlijdt.
- Voordat je klachten krijgt, kan een behandeling voorkomen dat je ziek wordt. Je krijgt dan de eerste prik zo snel mogelijk.
- Ben je in het buitenland gebeten, gekrabd of gelikt door een dier? Spoel en was de wond goed schoon met lauw kraanwater en zeep, in ieder geval 15 minuten, en doe er alcohol 70% of jodium op. Ga dan direct naar een arts in een ziekenhuis, en bel direct het alarmnummer van je zorgverzekering.
- Heeft een vleermuis je in Nederland gebeten, gekrabd of gelikt? Spoel en was de wond goed schoon met lauw kraanwater en zeep, in ieder geval 15 minuten, en doe er alcohol 70% of jodium op. Bel direct je huisarts of de GGD.
- Heeft een hond, kat of ander dier dat uit het buitenland komt je in Nederland gebeten, gekrabd of gelikt? Spoel en was de wond goed schoon met lauw kraanwater en zeep, in ieder geval 15 minuten, en doe er alcohol 70% of jodium op. Bel daarna direct je huisarts of de huisartsenpost.
Wat is hondsdolheid?
Hondsdolheid is een ontsteking van de hersenen en zenuwen. De ziekte komt door een virus: het rabiësvirus. Dieren kunnen dit virus bij zich dragen, zowel huisdieren als wilde dieren. Een besmet dier kan het virus al overdragen voordat het er zelf ziek van is, dus je ziet het een dier niet altijd aan.
Hondsdolheid komt in Nederland bijna niet voor. In het buitenland komt hondsdolheid vaker voor.
Wat moet je doen na een beet, krab of lik van een dier?
Na contact met een dier dat hondsdolheid kan hebben, is het belangrijk om zo snel mogelijk een behandeling te starten. Een goede wondverzorging hoort daar vanaf het begin bij: die is een essentieel onderdeel van de behandeling.
Bloedt de wond erg? Druk er dan een steriel verband, een schoon verband of een schone doek tegen, en houd de bloedende arm of het bloedende been omhoog. Bel of laat 112 bellen bij een hevig bloedende wond. Bel ook 112 als iemand met een bloeding duizelig en suf is, klam of bleek ziet, zweet, flauw dreigt te vallen of zich ziek voelt.
Thuisarts geeft voor een beet, krab of lik in het buitenland deze vier stappen, in deze volgorde:
- Spoel en was de wond. Spoel en was de wond goed schoon met lauw kraanwater en zeep, in ieder geval 15 minuten.
- Ontsmet de wond. Doe daarna alcohol 70% of jodium op de wond.
- Laat de wond open. Niet hechten. Een verband erom doen mag wel.
- Ga direct naar een arts. Ga dan direct naar een arts in een ziekenhuis. Bel ook direct het alarmnummer van je zorgverzekering; dat nummer staat op je zorgpas.
Kreeg je speeksel van een dier dat hondsdolheid kan hebben in je oog, neus of mond, ga dan ook direct naar een arts. Ook dan kun je prikken tegen hondsdolheid nodig hebben.
Heeft een vleermuis je gebeten, gekrabd of gelikt in Nederland, doe dan ook de eerste drie stappen. Bel direct je huisarts of de GGD. Mensen worden bijna nooit gebeten door een vleermuis, maar als dat wel gebeurt, kan een arts inschatten of je behandeld moet worden. Raak de vleermuis niet met blote handen aan. Vliegt hij niet weg, bel dan ook de NVWA (0900-0388); die beoordeelt of de vleermuis kan worden opgehaald voor onderzoek naar hondsdolheid.
Let op! Bij een gewone bijtwond, zonder risico op hondsdolheid, is 1 of 2 minuten spoelen met lauw water genoeg. Dat geldt níét na een beet, krab of lik van een dier dat hondsdolheid kan hebben: spoel en was de wond dan in ieder geval 15 minuten, met zeep, en doe er daarna alcohol 70% of jodium op.
Welke klachten krijg je bij hondsdolheid?
Voordat je klachten krijgt, kan een behandeling voorkomen dat je ziek wordt. Ben je ooit gebeten, gekrabd of gelikt door een dier dat hondsdolheid kan hebben? En heb je daarna geen of niet alle prikken gehad? Neem dan alsnog zo snel mogelijk contact op met een arts.
De tijd tussen de beet, krab of lik en de eerste klachten is meestal twintig tot negentig dagen, maar het kan heel verschillend zijn: van enkele weken tot jaren. De klachten beginnen vaak met:
- je ziek voelen;
- koorts en koude rillingen;
- misselijk zijn en overgeven;
- hoofdpijn;
- jeuk en pijn op de plek van de beet of krab.
Daarna veranderen de klachten naar:
- kramp in de spieren die steeds erger wordt;
- schokken met het lichaam (stuipen);
- verlamde spieren;
- niet goed meer kunnen slikken en daardoor erg kwijlen;
- ademen dat steeds slechter gaat;
- erg bang zijn voor lucht en water, al komt dat weinig voor;
- in de war en bang zijn.
Later komt iemand met hondsdolheid in coma. Bijna iedereen met hondsdolheid overlijdt. Krijg je na een beet, krab of lik van een dier klachten zoals deze, bel dan direct een arts. Bel 112 als iemand niet meer reageert of moeite heeft met ademen.
Wanneer naar de huisarts?
Bel direct een arts als:
- je in het buitenland gebeten, gekrabd of gelikt bent door een dier;
- een vleermuis je in Nederland heeft gebeten, gekrabd of gelikt;
- een hond, kat of ander dier dat uit het buitenland komt je in Nederland heeft gebeten, gekrabd of gelikt;
- je speeksel van een dier dat hondsdolheid kan hebben in je oog, neus of mond hebt gekregen;
- je na een beet, krab of lik van een dier klachten krijgt zoals koorts, kramp in de spieren of moeite met slikken.
Bel 112 als iemand niet meer reageert of moeite heeft met ademen.
Bel je overdag op een werkdag, dan bel je je eigen huisarts. In de avond, de nacht, het weekend of op een feestdag neem je contact op met de huisartsenpost bij jou in de buurt. Ben je in het buitenland, bel dan het alarmnummer van je zorgverzekering. Vertel altijd dat je door een dier bent gebeten, gekrabd of gelikt, en waar.
Welke behandeling krijg je na een beet, krab of lik?
Heb je nooit prikken gehad tegen hondsdolheid? Dan moet je zo snel mogelijk 4 prikken krijgen: de eerste prik zo snel mogelijk, en de andere 3 prikken in de 4 weken daarna. Soms krijg je ook zo snel mogelijk prikken met antistoffen, bijvoorbeeld als je meer dan 1 wond hebt of een diepe wond.
Heb je wel ooit 2 beschermende prikken gehad? Dan heb je nog 2 prikken nodig: de eerste prik zo snel mogelijk, en de tweede prik na 3 dagen. Ook als je vooraf gevaccineerd bent, moet je dus behandeld worden. De behandeling is dan wel eenvoudiger, en vrijwel altijd beschikbaar in het buitenland.
Heb je een verminderde afweer, bijvoorbeeld door een ziekte of door medicijnen? Vertel dat dan aan de arts, want de behandeling is dan anders.
In veel landen kun je de prikken niet of moeilijk krijgen. Lukt het niet, bel dan weer het alarmnummer van je zorgverzekering. Dan zoekt iemand voor je uit waar je de prikken wel kunt krijgen. Soms moet iemand met spoed terug naar Nederland om de prikken op tijd te krijgen.
Na een beet van een dier is ook een prik tegen tetanus aan te raden. Tegen de ziekte zelf bestaat geen goed werkend medicijn. Wie eenmaal ziek is van hondsdolheid, overlijdt er met of zonder behandeling bijna altijd aan.
Hoe krijg je hondsdolheid?
Je krijgt hondsdolheid via een beet, krab of ander contact met het speeksel van een besmet dier. Dieren kunnen het rabiësvirus bij zich dragen, zoals een hond, kat, vleermuis, coyote (prairiewolf), wasbeer, neusbeer, stinkdier, vos of aap. De meeste mensen raken besmet door een hond in het buitenland. Het virus kan je lichaam binnenkomen:
- als je wordt gebeten door een besmet dier;
- als je wordt gekrabd door een besmet dier;
- als het dier likt aan een wond van je;
- als je een druppel speeksel van zo’n dier in je oog, neus of mond krijgt.
Ook een krab kan genoeg zijn: in 2007 overleed een Nederlandse reiziger nadat een vleermuis in Kenia krassen in het gezicht had gemaakt en er geen behandeling was gegeven. Niet iedereen die gebeten, gekrabd of gelikt wordt door een besmet dier, krijgt hondsdolheid. Je krijgt het niet via urine, ontlasting of bloed van een dier. Via direct contact is hondsdolheid nog nooit van de ene mens naar de andere gegaan. Artsen weten niet zeker of dat misschien wel zou kunnen.
Hoe voorkom je hondsdolheid?
Het belangrijkste is dat je niet in contact komt met het virus. Dat geldt vooral in landen waar hondsdolheid voorkomt: raak daar geen dieren aan, dus ook geen honden en katten, en let extra goed op dat kinderen dat ook niet doen. Daarnaast bestaat er een vaccinatie voor reizigers en andere mensen met een groter risico. Wat je verder kunt doen:
- blijf uit de buurt van zwerfhonden of zwerfkatten. Raak ook de jonge beesten niet aan, hoe lief ze er ook uitzien;
- bespreek met je kinderen dat ze op reis geen dieren mogen aaien of voeren. Kinderen hebben een grotere kans om gebeten te worden door dieren;
- lijkt een wild dier tam of vlucht het niet, blijf dan op veilige afstand en voer het niet;
- raak geen vleermuizen aan, ook niet in Nederland, en ook niet wanneer ze ergens slapend hangen. Ben je in een grot waar vleermuizen zitten, ga de grot dan uit als ze gaan vliegen en bij je in de buurt komen;
- raak geen dode of zieke dieren aan, zeker niet met blote handen.
Heb je prikken nodig vóór een reis?
Kom je vaak en lange tijd in arme gebieden of de jungle, neem dan voor je reis de 2 beschermende prikken. Ook met die prikken moet je na een beet, krab of lik direct naar een arts. Het is verstandig om prikken tegen hondsdolheid te nemen:
- als je 6 weken of langer op reis gaat en in arme gebieden komt met sloppenwijken en zwerfdieren;
- als je langere tijd door de jungle reist;
- als je in het buitenland gaat werken met dieren, zoals vleermuizen, zwerfhonden of zwerfkatten.
Het zijn 2 prikken, met een week ertussen. In de prikken zit een beetje van het rabiësvirus, dat zo is behandeld dat het je niet ziek kan maken. Lees meer over wat er in een vaccin zit en hoe een inenting werkt.
De 2 prikken beschermen je je hele leven, maar wel maar een beetje. Of een vaccinatie voor jou nuttig is, kun je bespreken met een reizigersadvies- en vaccinatiebureau.
Hondsdolheid in Nederland
In Nederland komt het klassieke rabiësvirus bij wilde dieren en huisdieren al lang niet meer voor. Wel komt bij enkele soorten vleermuizen een virus voor dat ook hondsdolheid kan veroorzaken. Daarom is er een heel kleine kans op hondsdolheid na contact met een vleermuis. Mensen lopen in Nederland ook risico via honden en katten die uit het buitenland komen.
Word je in Nederland gebeten door een hond, kat of ander dier dat geen vleermuis is en niet uit het buitenland komt? Spoel de wond dan 1 of 2 minuten met lauw water, en bel daarna dezelfde dag de huisarts. Die bekijkt onder meer of je een prik tegen tetanus of hondsdolheid nodig hebt.
Heeft een hond, kat of ander dier dat uit het buitenland komt je gebeten, gekrabd of gelikt? Spoel en was de wond goed schoon met lauw kraanwater en zeep, in ieder geval 15 minuten, en doe er alcohol 70% of jodium op. Bel daarna direct je huisarts of de huisartsenpost, en vertel waar het dier vandaan komt.
Veelgestelde vragen
Kun je hondsdolheid krijgen van een hondenbeet in Nederland?
Komt de hond uit het buitenland? Spoel en was de wond goed schoon met lauw kraanwater en zeep, in ieder geval 15 minuten, en doe er alcohol 70% of jodium op. Bel daarna direct je huisarts of de huisartsenpost. Komt de hond niet uit het buitenland, dan krijg je er bijna nooit hondsdolheid van. Spoel de wond dan 1 of 2 minuten met lauw water en bel daarna dezelfde dag de huisarts.
Is hondsdolheid besmettelijk van mens op mens?
Via direct contact is hondsdolheid nog nooit van de ene mens naar de andere gegaan. Artsen weten niet zeker of dat misschien wel zou kunnen. Je loopt het op via een beet, krab of lik van een besmet dier, of als speeksel van zo’n dier in je oog, neus of mond komt. Via urine, ontlasting of bloed krijg je het niet.
Hoe lang na een beet krijg je klachten van hondsdolheid?
Voordat je klachten krijgt, kan een behandeling voorkomen dat je ziek wordt. Ben je gebeten, gekrabd of gelikt en heb je geen of niet alle prikken gehad? Neem dan zo snel mogelijk contact op met een arts, ook als het al een tijd geleden is. De klachten komen meestal na twintig tot negentig dagen, maar het kan van enkele weken tot jaren duren.
Kun je hondsdolheid krijgen van een hamster, konijn of muis?
Nee. Bij verwondingen door knaagdieren, konijnen en hazen of spitsmuizen is er geen risico op hondsdolheid. Een beet van zo’n dier is wel een gewone bijtwond, en die kan gaan ontsteken. Ben je in Nederland gebeten? Spoel de wond dan 1 of 2 minuten met lauw water uit de kraan of douche, en bel daarna dezelfde dag de huisarts. Bel direct een arts als je in het buitenland door een dier bent gebeten.
Ik ben al ingeënt tegen hondsdolheid. Moet ik na een beet toch naar een arts?
Ja. De 2 beschermende prikken beschermen je wel maar een beetje. Word je daarna gebeten of gekrabd, dan heb je nog 2 prikken nodig: de eerste prik zo snel mogelijk en de tweede na 3 dagen. Heb je een verminderde afweer, dan is de behandeling anders.
Bronnen
Was dit artikel nuttig?

