Normen en waarden

De ontwikkeling van Normen en waarden:

 

De psychosociale ontwikkeling in de adolescentie gaat hand in hand met de ontwikkeling van normen en waarden. In de periode die zich uitstrekt van de kindertijd tot de volwassenheid, zullen je morele normen en waarden zich in min of meer afzonderlijke fasen ontwikkelen. In iedere fase heeft een andere soort van moreel redeneren de overhand.

Als kind en jonge tiener zul je situaties op een egocentrische of opportunistische manier inschatten. Wanneer je een handeling als moreel verantwoord beoordeelt, zal het enige criterium voor je beslissing misschien zijn of die handeling je van nut zal zijn of je kan schaden. Je zult voornamelijk erop bedacht zijn straf te vermijden en zo mogelijk beloond te worden. De vaststelling van jouw normen komt dus meestal van buiten jezelf, en niet van binnenuit.

Halverwege de adolescentie ga je inzien dat het beter is je te voegen naar wettelijke normen. Je begint je te realiseren dat wetten op iedereen van toepassing zijn, dus ook op jou. Je gaat je handelingen beoordelen op grond van de wettigheid of onwettigheid ervan; niet slechts op grond van de overweging of je er straf mee riskeert.

Tieners gehoorzamen echter lang niet altijd aan de wet. Veel adolescenten gaan door een opstandige fase heen, waarin ze uitproberen waar de grenzen van het gezag liggen en soms zelfs de wet overtreden. In zekere zin vragen zij er misschien om tot orde te worden geroepen, en de realiteit van de wet zelf te ondervinden. Uiteindelijk laten de meeste tieners deze fase definitief achter zich. Ze besluiten dat ze zich aan de wet moeten houden, zelfs als ze een geringe kans lopen niet gestraft te worden als ze dat niet doen.

Aan het eind van de adolescentie of aan het begin van de volwassenheid vind je het belangrijker worden wat je handelingen anderen aandoen. Je morele betrokkenheid houdt nu rekening met regels over het menselijk gedrag die verder gaan dan de letter van de wet. Je zult normen en waarden aanhangen die gebaseerd zijn op algemene ethische principes die in sommige gevallen zelfs meer beperkingen inhouden dan de wet. Je begint morele conflicten uit het werkelijke leven in abstracte termen te zien. Je kunt in het dagelijks leven voorbeelden van rechtvaardigheid, gelijkheid, eerlijkheid, verantwoordelijkheid, samenwerking, en wederkerigheid onderkennen – en hun tegengestelde begrippen.

Uiteindelijk moeten je normen en waarden zich zodanig ontwikkelen dat je de volledige verantwoordelijkheid neemt voor het morele karakter van je eigen daden. Het zou ideaal zijn als je je eigen goed uitgewerkte, persoonlijke opvattingen ontwikkelt omtrent hetgeen door de maatschappij waar jij deel van uitmaakt, goed en slecht wordt gevonden. Je volgt de strikt persoonlijke morele voorschriften die je je eigen gemaakt hebt, en bent daarbij betrekkelijk onafhankelijk van de goedkeuring of afkeuring van anderen. Als het toch voorkomt dat je je eigen principes schendt, voel je je schuldig en veroordeel je jezelf. Het zal je niet vrolijk maken dat je er zonder straf vanaf bent gekomen.

Helaas is het niet zo dat iedereen aan het eind van zijn puberteit zal kunnen bogen op de ontwikkeling van eigen normen. Sommige volwassenen bereiken dit zelfs nooit.

De ontwikkeling van normen hangt samen met sociale contacten en de verstandelijke ontwikkeling. Tieners die deelnemen aan maatschappelijke activiteiten hebben meer gelegenheid om deze samenhang te observeren. Deze ervaring kan hen helpen een meer weloverwogen, moreel oordeel te vormen. Om de morele begrippen te onderkennen die ten grondslag liggen aan alledaagse situaties kan een hoog niveau van abstract denken nodig zijn. Cognitieve rijpheid kan ook helpen bij de ontwikkeling van een zekere gevoeligheid voor de rollen, waarnemingen en gevoelens van anderen. Maar maatschappelijke of verstandelijke bekwaamheid garandeert niet automatisch de ontwikkeling van hoogstaande morele normen.

Je ouders kunnen de ontwikkeling van je normen en waarden bevorderen door het goede voorbeeld te geven. Tieners ontwikkelen over het algemeen meer zelfcontrole en komen tot een rijpere morele oordeelsvorming, wanneer hun ouders een bepaalde stijl van opvoeden hebben toegepast. Deze stijl houdt het volgende in: een consequente discipline, waar beredeneren en uitleggen deel van uitmaken; het bespreken van wat anderen vinden van ondernomen acties; en het bevorderen van democratische discussies in het gezin, waarbij zelfs de jonge kinderen een woordje kunnen meespreken.

In veel gevallen vaak stellen ouders een voorbeeld door hun eigen waarden en normen zichtbaar toe te passen en door hun levensstijl.

 
Relevante artikelen

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

MEDISCH VOORBEHOUD

De informatie op Menselijk Lichaam is géén medisch advies. Neem bij twijfel over gezondheid, behandeling of medicijnen altijd contact op met een arts, specialist of apotheker.

Meer informatie

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Met het laatste nieuws en gezonde tips