Het meten van het uithoudingsvermogen

We gaan starten met de meting: kennismaking met de fietsergometer. Er zijn een groot aantal fietsergometers in de handel. De meest bekende is de ergometer met mechanische instelling van het te leveren vermogen (in Watt). Het verschil in vermogen kan worden ingesteld door een bepaalde wrijving te vergroten dan wel te verkleinen. Goedkope fietsergometers zijn onbetrouwbaar, vandaar dat de meting steeds met een professionele fietsergometer dient te worden uitgevoerd.

Het is de bedoeling, dat men met een bepaalde snelheid (omwentelingen per minuut) fietst. De combinatie van een vast aantal omwentelingen per minuut in combinatie met een bepaalde wrijvingsweerstand waar we doorheen moeten trappen, resulteert dan in een bepaald te leveren vermogen. We adviseren een toerental van 50 omwentelingen per minuut te kiezen (de methode van Astrand is nl. gebaseerd op deze trapfrequentie).

Vaak zien we achtereenvolgens een kolom met de aanduiding W(50r), Nm en W(60r). U hoeft alleen op de eerste kolom te letten: deze geeft het niveau in Watt(W) aan bij 50 omwentelingen per minuut (50r). Door de knop op het stbur aan te draaien wordt de fiets meer geremd en neemt bij een constante snelheid het inspanningsniveau toe: de meter met de aanduiding W(50r) slaat uit naar een hogere waarde. Probeer voor het feitelijk uitvoeren van de test, eerst het een en ander uit. Kijk hoe een constante snelheid bereikt kan worden (50 toeren per minuut) bij een constante belasting. Neem eerst een zeer lichte belasting, bijvoorbeeld 50 Watt. Houdt deze inspanning bijvoorbeeld eens 12 minuten vol en meet om de minuut, al trappend (!), uw hartslag. De hartslag dient na een aantal minuten een constant niveau aan te nemen.

Indien de waarde 50 Watt door u als zeer licht wordt ervaren, neem dan eens een grotere waarde, bijvoorbeeld 100 Watt. Pas echter op, ga niet zomaar experimenteren bij een zeer zware belasting. Voer deze oefeningen niet op de meetdag zelf uit. Het gaat hier om een gewenning aan het apparaat, zodat u op de dag van de meting geen problemen meer met het meten zelf ondervindt.

Naast de mechanische fietsergometer zijn er elektrische ergometers. Bij de duurdere merken wordt de hartslag continu gemeten. Dit is een groot voordeel, omdat het in feite de bedoeling is om al fietsend de hartslag te meten. Er zijn ook losse elektronische hartslagmeters in de handel. Zonder hartslagmeter is de meting feitelijk onuitvoerbaar; het is niet mogelijk om tijdens het leveren van de inspanning “de pols te nemen”.

Het is noodzakelijk een aantal waarden tijdens de meting vast te leggen; een tweede persoon kan hierbij goede diensten bewijzen. Een voordeel van sommige elektrische fietsergometers is, dat men niet meer op de fietssnelheid hoeft te letten. De belasting wordt bij veranderingen in de snelheid, bij deze fietsen automatisch aangepast. Tegenover deze duidelijke voordelen staat ook een ander kostenplaatje! Waarop te letten alvorens we gaan meten?

Alvorens welke test dan ook uit te voeren, is het verstandig om met een aantal factoren rekening te houden: Meet alleen als u voor u zelf het gevoel hebt, in “normale doen” te zijn. Meet dus niet na een slechte nacht, een feestje, ziekte, etc. Feestjes zijn al helemaal uit den boze als we bedenken dat we 24 uur van te voren geen alcohol mogen gebruiken. Een uur voor de test mag u in ieder geval niet meer roken, niets meer eten en drinken. Op de dag van de test nemen we zeker geen zware maaltijd; een licht hapje drie uur van te voren is voldoende;

mag u zeker niet trainen, omdat het lichaam dan nog steeds van zo’n training herstellende zou kunnen zijn. De test dient verder onder normale omstandigheden plaats te vinden. Zo mag het niet te heet of te koud zijn (temperatuur tussen 18-22 graden celcius) en het mag ook niet te vochtig zijn, omdat we ons vochtverlies dan niet goed kunnen kwijtraken (vochtigheid tussen 50 – 70 %). Zorg steeds voor een kleine warming up: trap bijvoorbeeld gedurende 1 minuut met een gemakkelijk vol te houden belasting. Aanwijzingen bij het opnemen van de hartslag. In het voorafgaande is het al een aantal malen ter sprake gekomen; de hartslag is het meetgegeven waar het feitel ‘ ijk om draait. Straks zullen we zien dat ook bij het bepalen van het traini’ngsprogramma, de hartslag steeds weer een belangrijk gegeven is.


Relevante artikelen

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

MEDISCH VOORBEHOUD

De informatie op Menselijk Lichaam is géén medisch advies. Neem bij twijfel over gezondheid, behandeling of medicijnen altijd contact op met een arts, specialist of apotheker.

Meer informatie

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Met het laatste nieuws en gezonde tips